The Hobbit: The Desolation of Smaug (2013)

Ik was mijn vertrouwen in regisseur Peter Jackson wel een beetje kwijt na The Hobbit: An Unexpected Journey. Midden-aarde leek amper meer op die uit The Lord Of The Rings-films en het dunne verhaaltje van het oorspronkelijke boek werd buiten proportie opgeblazen tot trilogie-formaat. Is dit nu niet gewoon Tolkien-fanfiction van een nerdy Nieuw Zeelander?

The Desolation of Smaug gaat vrolijk verder met het volgen van The Lord of the Rings-formule en begint net als The Two Towers ook met een flashback. We leren dat de in ballingschap levende dwergenkoning Thorin de plannen om naar zijn geliefde Erebor terug te keren niet helemaal zijn eigen idee waren, maar dat Gandalf hier achter zat. We keren terug naar het heden en het gezelschap wordt nog steeds op de hielen gezeten door de vervelende albino-orc Azog, die ook zijn al evenzo lelijke zoon Bolg achter ze aanstuurt. Daarnaast huist er in de bossen nog meer gevaar, zoals enorme spinnen en opgefokte boselfen. Intussen is Gandalf er ook tussenuit genaaid naar een andere onduidelijke missie, dus daar hebben ze ook weinig aan. Gelukkig vinden ze op hun reis hulp in de vorm van shapeshifter Beorn (Mikael Presbrandt) die hen veilig onderdak biedt, en later in het verhaal treffen ze de mysterieuze Bard (Luke Evans), die hen helpt om dichter bij hun doel te komen.

Alle goblin- en dwergenjoligheid is godzijdank achter de rug en Jackson laat merken dat hij geleerd heeft van zijn fouten uit het eerste deel. Hij geeft wat actie betreft meteen vol gas en alhoewel het nooit mijn favorieten zullen worden, hebben de dwergen allemaal wat meer karakter gekregen. Prettyboy Kili krijgt zowaar een dingetje met de door Evangeline Lily gespeelde boself Tauriel (die overigens in de boeken niet voorkomt). Tot groot ongenoegen van de welbekende Legolas, zoon van elfenkoning Thranduil die zelf wel interesse in deze atletische dame heeft. Balin, de oude witharige dwerg fungeert als het geweten van de groep en de volslanke Bombur blijkt behoorlijk hard te kunnen rennen. Bilbo zelf heeft nog steeds nét iets meer dan een bijrol in zijn eigen film, maar is wel steeds degene die de dwergen uit allerlei benarde situaties weet te redden. Een ontsnapping uit het elfendorp in lege wijnvaten is te belachelijk voor woorden, maar op zo’n manier over the top dat het weer erg grappig wordt. En dan Smaug, de enorme draak waar het eigenlijk allemaal om draait. De confrontatie tussen dit monster en Bilbo en co. duurt wederom te lang, maar is mede dankzij Benedict Cumberbatch’s gedreven voordracht toch een mooie afsluiter van een film die toch weer doet verlangen naar het volgende deel.

Ik wil toch nog iets kwijt over het HFR-formaat waarin de film geschoten is. Ik vond het bij An Unexpected Journey vooral onnatuurlijk en cheap ogen. Té vloeiend en te weinig op film lijkend. Toch moet ik na The Desolation of Smaug toegeven dat er wel voordelen kleven aan de 48fps snelheid. Misschien ben ik er na twee films nu een beetje aan gewend, maar bij drukke actiescènes die ook nog eens in 3d zijn, is alles supergoed zichtbaar. Wanneer de draak met zijn kolossale lichaam door miljarden muntjes en edelstenen heenklieft zijn die stuk voor stuk zichtbaar zonder dat het een brei van onoverzichtelijke beelden wordt. Andere scènes zien er dan weer uit alsof ze uit een soap uit de Midden-aarde komen, dus het blijft evengoed nog even wennen. Maar dat werd toentertijd ook gezegd over films die in kleur werden vertoond…


"De ontsnapping in lege wijnvaten is te belachelijk voor woorden, maar op zo'n manier over the top dat het weer erg grappig wordt."

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.