Django Unchained (2013)

Quentin Tarantino is al een tijdje op zo’n punt in zijn carrière dat hij elke film kan maken die maar in hem opkomt. En aangezien hij na zijn gangsters- en grindhouse-fase in zijn historie-fase is aanbeland schotelt hij ons na de nazi-jagende superjoden van Inglourious Basterds de ontketende ex-slaaf Django voor.

Inderdaad, EX-slaaf, want de Duitse premiejager annex tandarts Dr. King Schultz (Christoph Waltz) heeft hem bevrijd omdat alléén Django (Jamie Foxx) de mannen kan identificeren waarnaar hij op zoek is. Deze drie zeer onaangename Brittle-broers zwaaiden namelijk de scepter op de plantage waar de slaaf gedwongen was te werken. Django helpt Schultz dus maar al te graag en hij blijkt talent voor het nobele vak van premiejager te hebben. Al dat moorden en jagen voor geld is natuurlijk leuk en aardig, maar Django wil eigenlijk maar één ding. Zijn vrouw Broomhilda die van hem afgenomen is. Ze komen erachter dat Hildy te werk is gesteld op het landgoed van de wrede plantage-eigenaar Calvin Candie (een heel smerige Leonardo DiCaprio).

Django Unchained is Tarantino op zijn meest Tarantinoësk: Bizarre dialogen, gestoorde karakters, maffe terzijdes en vooral veel geweld. Regisseur Spike Lee – ongevraagd spreekbuis voor de afro-american – vond het nodig om de film ongezien af te serveren als een belediging aan het adres van zijn onder slavernij gebukt gaande voorouders. Het woord ‘nigger’ wordt inderdaad erg vaak gebruikt, maar het is dan ook de negentiende eeuw en volgens Tarantino werd er nou eenmaal zo gesproken, en zelfcensuur doet hij niet aan. Ook het extreme geweld wat tegen de slaven gebruikt werd censureert hij niet. Waar de vuurgevechten door de overdadige bloederigheid wat cartoonesk aandoen toont hij de gruweldaden van de plantagehouders zonder enige vorm van restrictie.

Gelukkig is er ook ruimte voor humor die vooral van Tarantino-regular Samuel L. Jackson in de rol van de valse huisslaaf Stephen komt, maar ook een scène met stuntelende Ku Kluxers is behoorlijk grappig. En dat de regisseur zichzelf weer een net iets te grote cameo toebedeeld heeft is maar een klein smetje op een verder zeer geslaagde Western.


"Bizarre dialogen, gestoorde karakters, maffe terzijdes en vooral veel geweld"